Snel naar:

1. De Omgevingswet en geo-informatie

2. Scenario 1: Beperkte regeltekst voorzien van werkingsgebieden

3. Scenario 2: Elke "regeltekst" voorzien van werkingsgebied en deze gebruiken in de toepasbare regels

4. Scenario 3: Toelichtingen

5. Scenario 4: Registerbevragingen

6. Scenario 5: Regeltekst aanpassen om minder geo-vragen over te houden

7. Verdiepingsparagraaf: "To group or not to group. That's the question"

 

1. De Omgevingswet en geo-informatie

Bij het publiceren van beleid wordt zowel binnen de juridische regels van de waterschapsverordening als binnen de toepasbare regels gewerkt met geo-informatie. Hoe en waar geo-informatie toegepast wordt kent een zekere mate van flexibiliteit. De keuzes die een waterschap hierin maakt hebben voor en nadelen voor de dienstverleningsniveau en de beheerlast bij dit waterschap, zoals te zien is in onderstaande Tabel 1.

Tabel 1.BijlageX. Keuzematrix: toepassen van geo-informatie binnen de Omgevingswet

 

Dienstverleningsniveau via (juridische) regels op kaart

Dienstverleningsniveau via vergunningchecker DSO

Beheerlast gegevensbeheer Geo

Beheerlast vergunningverlener

Beheerlast regelbeheer

Beheerlast informatievoorziening 

waterschap

Scenario 1: Beperkte regeltekst voorzien van werkingsgebieden

--

n.v.t.

++

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Scenario 2: Elke “regeltekst” voorzien van werkingsgebied en deze gebruiken in de toepasbare regels

++

++

--

+

+/-

+

Scenario 2 optie 1: Groeperen van locaties

++

++

-

+

+

+

Scenario 2 optie 2: Niet groeperen van locaties

++

++

--

+

+/-

+

Scenario 3: Toelichtingen

n.v.t.

-

+/-

+

-

-

Scenario 4: Registerbevragingen

n.v.t.

++

+/-

+

-

--

Scenario 5: Regeltekst aanpassen om minder geo-vragen over te houden

-

+/-

+/-

-

+

+

(Schaal: ++ = positief, -- = negatief)

 

De flexibiliteit die de scenario’s bieden leiden er ook toe dat een waterschap zelf zijn ambitie kan bepalen, in de mate waarin ze een initiatiefnemer gaat faciliteren. Hierbij hoeft er niet gelijk ingezet worden op het hoogst haalbare niveau, maar kan er ook voor een groeipad gekozen worden. 

De verschillende scenario’s zijn in de volgende paragrafen in detail uitgewerkt, en voorzien van voorbeelden. Deze voorbeelden zijn uitgewerkt in een live omgeving en via de links te benaderen.

2. Scenario 1: Beperkte regeltekst voorzien van werkingsgebieden

Omgevingsdocument
Bij een minimaal ambitieniveau kan het bevoegd gezag juridische tekst (regeltekst[1]) beperkt voorzien van werkingsgebieden, op een grover schaalniveau. In dit voorbeeld hebben we bijvoorbeeld alleen een werkingsgebied gekoppeld aan een geheel hoofdstuk, maar niet aan de individuele artikelen binnen hoofdstuk 1. Hoe ziet dat er in de praktijk uit? Zie hiervoor de onderstaande figuur 1 of volg de link in voetnoot.[2]
 

Figuur 1 bijlage X

Figuur 1.BijlageX

Toepasbare regels

Doordat een omgevingsdocument slechts beperkt van werkingsgebieden is voorzien, kan deze niet worden gebruikt om vragen met “geo-verwijzingen”[3] op te lossen.

Consequenties

  • Werkingsgebieden die niet gepubliceerd worden via een omgevingsdocument leiden er toe dat omgevingsdocument minder interactief te bevragen zijn via de raadpleegomgeving van het DSO. 
  • Geovragen in toepasbare regels kunnen niet via een geo-verwijzing beantwoord worden. Hiervoor zijn de methodieken verderop beschreven te gebruiken.

 

3. Scenario 2: Elke "regeltekst" voorzien van werkingsgebied en deze gebruiken in de toepasbare regels

Omgevingsdocument
Bij een hoger ambitieniveau kan het waterschap tot op het niveau van “lid” een juridische regels voorzien van werkingsgebieden. In dit voorbeeld worden werkingsgebieden gekoppeld niet aan de het gehele hoofdstuk maar ook dieper in de tekst. Hoe ziet dat er in de praktijk uit? Zie figuur 2 of volg de link in voetnoot.[4] Hierin kun je verder “doorklikken” binnen de verschillende artikelen van hoofdstuk 2.

Figuur bijlage X

Figuur 2.BijlageX

Toepasbare regels
In de toepasbare regels kunnen geo-vragen nu automatisch beantwoord worden middels geo-verwijzingen. Hierin wordt er een verwijzing gemaakt naar een werkingsgebied dat middels het omgevingsdocument gepubliceerd is naar het DSO.

Consequenties

  • Omgevingsdocumenten worden veel interactiever en fijnmaziger bevraagbaar via de raadpleegomgeving van het DSO. 
  • Er kunnen meer geo-vragen automatisch beantwoord worden in de toepasbare regels, en hierdoor wordt er een hoger dienstverleningsniveau bereikt.

NB. binnen dit scenario is er een keuze mogelijkheid om te werken met loatiegroepen of niet. Voor nadere toelichting over dit onderwerp zie de verdiepingsparagraaf 7 (“To group or not to group. That’s the question”).

 

4. Scenario 3: Toelichtingen

Omgevingsdocument
Het werken met toelichtingen is puur een aangelegenheid voor de toepasbare regels. Toelichtingen maken geen onderdeel uit van een omgevingsdocument. 

Toepasbare regels
In de toepasbare regels kan er een toelichting worden toegevoegd, die de initiatiefnemer helpt het juiste antwoord op een vraag te geven. Deze toelichting kan ook een analoge kaart of een verwijzing naar een eigen interactieve kaart zijn. Deze oplossing is minder gebruiksvriendelijk voor de initiatiefnemer dan een geoverwijzing, omdat hij zelf de informatie moet opzoeken in de toelichting, terwijl bij een geoverwijzing de informatie automatisch wordt ingevuld op basis van het werkingsgebied. Hoe ziet dat eruit? Zie hiervoor figuur 3 of volg de link in voetnoot.[5]

Figuur 3 bijlage X

Figuur 3.BijlageX

Consequenties

  • Het waterschap kan toelichtingen gaan aanbieden door te verwijzen naar de eigen informatievoorziening. Ook kunnen plaatjes tabellen, pdf’s, etc. meegeleverd worden met de toepasbare regel, die door de initiatiefnemer te raadplegen zijn. 
  • Dit biedt een lager dienstverleningsniveau dan geo-verwijzingen.

Figuur 4.BijlageX. Voorbeeld gebruikmaken van een "toelichting"

 

5. Scenario 4: Registerbevragingen

Omgevingsdocument
Ook het werken met registerbevragingen[6] is puur een aangelegenheid voor de toepasbare regels. Registerbevragingen maken geen onderdeel uit van het omgevingsdocument.

Toepasbare regels
Via een registerbevraging wordt er binnen een toepasbare regel een externe voorziening aangeroepen, om geautomatiseerd antwoord te geven. Dit kan bijvoorbeeld met een REST-/kaartservice vanuit de voorziening van het waterschap of een externe voorziening (bijvoorbeeld PDOK), zoals gevisualiseerd is in onderstaande figuur. 

Consequenties

  • Het waterschap moet een “register”/server inrichten via de eigen informatievoorziening, of verwijzen naar een externe server. Hierop moet vervolgens kaartinformatie gepubliceerd zijn die via REST-calls bevraagbaar is. 
  • Dit biedt hetzelfde dienstverleningsniveau voor de toepasbare regels als een geoverwijzing. 


Figuur 5.BijlageX. Voorbeeld gebruikmaken van een "registerbevraging"

 

6. Scenario 5: Regeltekst aanpassen om minder geo-vragen over te houden

Korte introductie principe
In dit voorbeeld nemen we het volgende artikel niet op in de juridische en toepasbare regels van de waterschapsverordening, maar nemen we deze op in het beleid waar de vergunningverleners op toetsen.

Omgevingsdocument
Door het maken van andere keuzes in de juridische teksten van het omgevingsdocument kan de hoeveelheid geo-informatie beperkt worden.

In het voorbeeld van de waterkering met opgave[7] (zie hieronder) is het zo dat de waterkering met opgave altijd een primaire kering is. Voor de primaire keringen geldt al een vergunningplicht. Het bevoegd gezag heeft dan ook de mogelijkheid dit verbod op te nemen in de beleidsregels, die door de vergunningverlener gebruikt wordt om de aanvraag te toetsen. In plaats van dit op te nemen in het omgevingsdocument. Het graven in een waterkering met een opgave is dan een reden om de vergunning te weigeren.

Toepasbare regel
Door het verbod op graven te verplaatsen naar de beleidsregels, en daarmee dus mee te geven in het toetsingskader van de vergunning, ben je deze vraag kwijt in je toepasbare regel. De vergunningverlener is aan zet om de vergunning te weigeren.

Consequenties

  • Door het op deze manier op te lossen hoef je minder geo-informatie te ontsluiten richting het DSO.
  • Je legt nu werk bij een vergunningverlener neer dat je eigenlijk geautomatiseerd kunt oplossen.

 

7. Verdiepingsparagraaf: "To group or not to group. That's the question"

Als er voor scenario 2 gekozen wordt, zijn er nog steeds keuzemogelijkheden binnen de informatiemodellering van de omgevingswet. Deze bevinden zich op het vlak van het al dan niet groeperen van locaties en hebben impact op het werkproces van de geo-informatiebeheerder en de regelbeheerder.

Scenario 2 optie 1: Werken zonder locatiegroepen
Als er zonder locatiegroepen wordt gewerkt, ligt het volledige beheer van werkingsgebieden bij de geo-informatiebeheerder. Deze biedt werkingsgebieden aan de regelbeheerder, die ze kan gebruiken om juridische teksten te annoteren.

De regelbeheerder is hier dus 100% afhankelijk van de geo-informatiebeheerder voor het leveren van werkingsgebieden, want voor elk nieuw type locatie moet de regelbeheerder naar de geo-informatiebeheerder.

Figuur paragraaf 7 bijlage X



In figuur 6 moet de geo-informatiebeheerder bijvoorbeeld alle mogelijke combinaties van geometrieën die voor kunnen komen in de regeltekst apart genereren & beheren. 

Figuur 6.BijlageX. Informatiemodellering bij werken zonder locatiegroepen

Scenario 2 optie 2: Werken met locatiegroepen
Als er met locatiegroepen wordt gewerkt, kun het beheer van werkingsgebieden worden verspreid tussen de geo-informatiebeheerder en de regelbeheerder. De geo-informatiebeheerder biedt werkingsgebieden aan de regelbeheerder aan op het hoogste granulariteitsniveau (de kleinst mogelijke puzzelstukjes), aan de regelbeheerder. De regelbeheerder gebruikt deze om juridische teksten te annoteren, maar hij kan ze ook groeperen om zo grotere geaggregeerde werkingsgebieden te creëren. De regelbeheerder is hier dus niet meer 100% afhankelijk van de geo-informatiebeheerder, want hij kan in voorkomende gevallen zelf ook werkingsgebieden samenstellen op basis van de “puzzelstukjes” die hij/zij reeds beschikbaar heeft. 

In figuur 7 kan de regelbeheerder bijvoorbeeld alle waterstaatswerken en beschermingszones zonder een versterkingsopgave groeperen tot de locatiegroep “waterkering zonder opgave” en deze als werkingsgebied opnemen in de juridische tekst.

Figuur 7 bijlage X

Figuur 7.BijlageX. Informatiemodellering bij werken met locatiegroepen


 

 

Voetnoten

[1] Een Regeltekst is de kleinste zelfstandige eenheid van (een of meer) bij elkaar behorende juridische regels. Deze regels horen onlosmakelijk bij elkaar en hebben gezamenlijk één werkingsgebied.

[2]  Zie link: https://wshd.maps.arcgis.com/apps/MapSeries/index.html?appid=62a3a5ddfa5d4caa8d71debe55f151b2.

[3] De GEO-Verwijzing bevat een werkingsgebied (in de vorm van een verwijzing naar een geometrie of locatiegroep in OZON). Werkingsgebied betreft het (ruimtelijk) gebied waarop een juridische regel betrekking heeft.

[4] Klik op deze link:  https://wshd.maps.arcgis.com/apps/MapSeries/index.html?appid=4f03605336ca4ffa849c53de48e8a01f.

[5] Klik op deze link: https://wshd.maps.arcgis.com/apps/webappviewer/index.html?id=1dfacbdf26c643eea9ce5e81baf93983.

[6] Via een Registerbevraging wordt een register geraadpleegd om gegevens te verkrijgen. Op moment van schrijven (10/10/2019) is gebruikmaken van registerbevragingen technisch nog niet mogelijk. Dit zal in 2020 door ontwikkelteams voor het DSO gerealiseerd worden. 

[7] Waterkeringen met een opgave zijn waterkeringen die in de veiligheidstoetsing zijn afgekeurd en bij het waterkeringsversterkingprogramma zijn aangemeld om versterkt te worden.